|
Uit: New Folk Sounds,Nr.119, okt./nov. 2008
Nights in Attarin
"Palio-Paréa behoort sinds hun vorige cd Rendez-vous voor mij tot de top van de ‘Nederlandse’ muziek. Hun prachtige rembetika muziek die ze op die cd lieten horen kan me nu nog af en toe in vervoering brengen. Het nieuwste werk heet Nights in Attarin en is een hommage aan de Griekse dichter Constantin P. Cavafy, die leefde van 1863 tot 1933. Tegenwoordig is hij een van de meest gewaardeerde der Griekse dichters en met het bewerken van zijn oeuvre neemt de groep een groot risico. Probeer deze emotionele, politieke en persoonlijke teksten maar eens op de juiste manier te vertolken. Het blijkt voor Palio-Paréa geen enkel probleem. Ze flikken hetzelfde met mijn gemoed als de vorige keer, de muziek grijpt me en brengt bij vlagen zelfs vocht naar mijn ooghoeken. Prachtig vind ik Epéstrefe, een aangrijpend gezongen nummer met spannende begeleiding en sterk van opbouw. Het daarop volgende Keriá is lichter van toon, maar niet minder aansprekend. Eigenlijk begint de cd met Fonés al sterk. De groep weet hiermee een duistere dreiging neer te zetten die ik nog niet van ze gewend ben, maar die uitstekend bevalt. Nights in Attarin bevestigt alleen maar dat Palio-Paréa prachtige muziek maakt en met vocalen en snaren weet te betoveren."
Eelco Schilder
Uit: Lychnarinr.4 – 2008
Palio-Paréa - Nύχτες στην Ατταρίν Nigths in Attarin, A homage to C.P. Cavafy
"Wat een wonderlijk toeval. In dezelfde week dat de hierboven besproken cd van Dimitris Papadimitríou bij mij thuis afgeleverd werd, viel ook de nieuwe cd van de Nederlandse groep Palio-Paréa in de bus. En laat die nu ook uitsluitend composities bij de gedichten van Kavafis bevatten! Het maken van een vergelijking lijkt daardoor onvermijdelijk, ook al is dat eigenlijk een heikele kwestie omdat de composities zo verschillend zijn. Loek Schrievers schreef de muziek bij de meeste liederen van deze Kavafis-cd , behalve het eerste nummer dat een compositie is van Mattie Tans (voormalig lid van de groep), het tweede nummer dat ze gezamenlijk deden en het zevende instrumentale nummer dat op naam staat van Carel van Rijn.
Schrievers componeerde voor een instrumentatie die aanzienlijk soberder en traditioneler is dan waar zijn Griekse collega Papadimitríou mee op de proppen komt. Bouzouki, ûd, gitaar en percussie zijn de voornaamste instrumenten. En ook Palio-Paréa introduceerde al eens eerder op een ander album op muziek gezette gedichten van Kavafis, alvorens zich te wagen aan een presentatie die volledig aan hem gewijd is. De keuze uit de gedichten verschilt, slechts twee gedichten komen overeen met die op...een Alexandrijn schrijft over een Alexandrijn, namelijk ?p?st?efe – Kom terug en T??assa? t?? p????? – Ochtendzee. Margôt Schenk, de vaste zangeres van de band, vond ik in een enkele passage iets minder intens overkomen – waardoor haar accent me ook meer opviel – dan op het vorige album van de groep. Maar de Griekse critici zullen zich ook nu weer verwonderen over deze Nederlandse zangeres, die het toch maar voor elkaar krijgt Griekse liederen onder de knie te krijgen. En ook de muziek zal hen verbazen. Schrievers krijgt de juiste toon te pakken en weet de juiste sfeer te treffen bij de gedichten. Eerlijk gezegd geef ik bijna altijd de voorkeur aan een sobere instrumentatie boven een groot orkest. Dit alles maakt het kiezen tussen de twee cd’s lastig. Dat laat ik dus graag aan de lezer over."
Yolanda Verbeek
Uit: Muziekwereldnr.3 -2008
PALIO-PARÉA Nights in Attarin Chara 2008
"Palio-Paréa behoort sinds hun vorige cd Rendez-vous voor mij tot de top van de ‘Nederlandse’ muziek. Hun prachtige rembetika muziek die ze op die cd lieten horen kan me nu nog af en toe in vervoering brengen. Het nieuwste werk heet Nights in Attarin en is een hommage aan de Griekse dichter Constantin P. Cavafy, die leefde van 1863 tot 1933. Tegenwoordig is hij een van de meest gewaardeerde der Griekse dichters en met het bewerken van zijn oeuvre neemt de groep een groot risico. Probeer deze emotionele, politieke en persoonlijke teksten maar eens op de juiste manier te vertolken. Het blijkt voor Palio-Paréa geen enkel probleem. Ze flikken hetzelfde met mijn gemoed als de vorige keer, de muziek grijpt me en brengt bij vlagen zelfs vocht naar mijn ooghoeken. Prachtig vind ik Epéstrefe, een aangrijpend gezongen nummer met spannende begeleiding en sterk van opbouw. Het daarop volgende Keriá is lichter van toon, maar niet minder aansprekend. Eigenlijk begint de cd met Fonés al sterk. De groep weet hiermee een duistere dreiging neer te zetten die ik nog niet van ze gewend ben, maar die uitstekend bevalt. Nights in Attarin bevestigt alleen maar dat Palio-Paréa prachtige muziek maakt en met vocalen en snaren weet te betoveren."
Rakendra Smit
Uit: www.folkroddels.be, 6 juli 2008
Een erg boeiende ontmoeting tussen een ‘rebètiko kompania’ uit Nederland en een Griekse dichter die Griekenland nooit zag (CD)
PALIO-PARÉA, Nights In Attarin/Nychtes Stin Attarín (A Homage To C.P. Cavafy), Chara 008 (www.palioparea.nl)
Een enigszins vreemde maar erg boeiende ontmoeting tussen een ‘rebètiko kompania’ uit Nederland en een Griekse dichter die Griekenland nooit zag en nooit kon uitkomen voor wie hij werkelijk was. Konstantin (Konstandínos) Petros Kavàfis (1863-1933), die zijn naam zelf graag schreef op zijn Engels, Cavafy, bracht inderdaad een deel van zijn jeugd door in Engeland maar bracht de rest van zijn leven door in Alexandrië, stad aan de Nijldelta, van oorsprong Grieks. In Kavàfis’ dagen telde Alexandrië nog zo’n 55.000 Grieks sprekenden. Zijn ouders kwamen uit Constantinopel en hij voelde zich volledig Griek, maar zag nooit het land ,,Griekenland’’. Hij bleef dus een Helleen in de diaspora, wat zijn werk ook heeft getekend. Hij werd tijdens zijn leven omzeggens niet erkend. Toch werd hij na zijn dood al snel beschouwd als één van de grootste dichters van de twintigste eeuw.
Cavafy/Kavàfis is één van dat legertje Griekse dichters die de Nobelprijs Literatuur hadden verdiend maar hem om één of andere reden nooit ontvingen: Nikos Kazantzàkis, Yannis Ritsos, Nikos Gatsos, Ángelos Sikelianós, Kostas Karyotàkis kregen hem niet, Yorgos Sefèris en Odyssèas Elýtis wel. Kavàfis liet ons amper 154 gedichten achter (plus brokstukken), alles wat hij goed genoeg vond om na te laten. Het is één der verklaringen van het constant metershoge niveau van zijn werk. Zijn gedichten zijn, à la Sappho, in een gewone taal gesteld. Metaforen zijn hem vreemd. In de zorgvuldig gerangschikte gedichten wordt zijn grote geheim, zijn homoseksualiteit langzaam ontvouwd, want men mag dan van ,,Griekse liefde’’gewagen, in het moderne Hellas was die volkomen taboe, net als in de rest van toenmalig Europa (we vereenvoudigen even) Zijn grootste verdienste is wel dat hij erin slaagde zijn eigen kleine wereld te hertalen in voor ieder begrijpbare, universele gevoelens. Sommige gedichten zijn tot het collectieve Griekse geheugen gaan behoren. Voor ons is en blijft ‘Ithàki (Ithaka)’ één der mooiste en zinrijkste gedichten, als je iets van de Griekse spirit wil begrijpen (*)
PALIO-PARÉA (= oud, lees: goed gezelschap) was zo verstandig het niet proberen als lied te brengen (er zijn al een paar min of meer lofwaardige mislukkingen op dat vlak geweest) Het sluit als instrumentaal de cd ‘NIGHTS IN ATTARIN/NYCHTES STIN ATTARIN (A Homage To C.P. Cavafy) af. Een echte rebètika (**) formatie in Nederland? Zoals in alle genres hebben onze Noorderburen ook op dit vlak daar hun versies van (zo leerden we uit goede bron dat er in Vlaanderen een handvol koren zijn die ‘sea shanties’ zingen, in Nederland zijn er approximatief tweehonderd!) Palio-Paréa neemt een bijzondere plaats in, want is de muziek vooral dank zij de getalenteerde componist en bespeler van ud, bouzouki en diens kleine broer baghlamàs Loek Schrievers ‘Griekser dan Grieks’, gesecondeerd door gitarist (en staande bassist) Carel Van Rijn, zangeres Margôt Schenk brengt de nummers op een eigenzinnige wijze, tegelijk ‘authentiek’ én met een eigen ‘Nederlandse’ inbreng (de purist heeft er misschien last mee, wij niet)
Het is voor de formatie wellicht een grote stap, ‘to boldly go where no Greek has gone before’, want in tegenstelling tot de andere Griekse dichters werd zijn werk nog niet echt goed verklankt. Nieuw is het voor hen helemaal niet: al op hun tweede cd ‘Yesterdays’ stonden enkele bewerkingen van zijn gedichten. Ze namen in 2003 deel aan Kavàfis projecten in Rotterdam en in Leiden en vermoedelijk werd het repertoire van deze cd al heel vaak ingespeeld, altijd al een manier om het songmateriaal uit te puren, door het te toetsen aan een live publiek (voor meer details verwijzen we graag naar www.skopos.be, onontkoombaar voor ‘alles Grieks’ in Nederland en België)
De gooi die Palio-Paréa doet, is dan ook meer dan verdienstelijk. De vorige cd ‘Rendez-Vous’ was nog te klasseren als een rebètiko plaat. Op ‘Nights In Attarin’ zet het trio, als in het door de ud gedragen ‘Morning Sea (Thàlassa tou Proïou)’, waardig de stap naar het ‘èndechno’, het Griekse kunstlied zoals Manos Hadjidhàkis, Mikis Theodoràkis, Stavros Xarhàkos en Yannis Markópoulos het de wereld rond beroemd maakten. Het door Loek Schrievers ingezongen ‘Bacchic (Bakchikóv)’ had overigens niet misstaan op de briljante soundtrack van de prent ‘Rebètiko’ (regie van Kostas Ferris; soundtrack van Stavros Xarhàkos-Nikos Gatsos), de (over)gestileerde uitbeelding van het leven van Maríka Ninou, één der zangeressen bij de grote Vasilis Tsitànis, de onbetwiste ‘vàsilevs’ (koning) van de rebètika.
Het trio heeft maar weinig gasten van doen om een vol geluid te verkrijgen: de in Nederland wonende Griekse muzikant Takis Sidèris zit in in het Orthodox klinkende beginkoor van ‘Voices (Fonès)’, en uiteraard mocht hier en daar geen viool (Hector Cosmàs) en toemberlèki/darboeka en ander slagwerk (Ulas Aksünger) ontbreken. Beiden blinken uit in het instrumentale ‘Nichóri’. Ook ex-groepslid Mattie Tans heeft zijn bescheiden vocale inbreng. Ons zal je geen kwaad woord horen zeggen over ‘Hidden Things (Krimmèna)’, het misschien wel fraaiste nummer van de cd, en verder ‘Morning Sea’, ‘To Call Up The Shades (Ja nàrthoun)’ en het inderdaad zielsmooie ‘Ithàki (Ithaka)’. Een song als ‘Come Back (Epèstrefe)’ zouden we graag horen zingen door grote Helleense zangstemmen als Eleftería Arvanitàki, Melina Kanà of Haris Alexíou.
Wat de juiste plaats is van Palio-Paréa en hun hommage aan Kavàfis binnen de huidige constellatie van de ‘post-rebètika’ (strikt genomen kan je enkel de twee korte maar hevige bloeiperiodes 1933-37 en 1948-52 beschouwen als de échte rebètika), daar moeten we onze gedachten nog over laten glijden, maar vast staat dat Kavàfis werk vakkundig, respect- en liefdevol werd benaderd. Het is voor onze streken een unieke kans om grote dichtkunst te leren kennen: via goeie muziek gaat dat altijd een stuk makkelijker, nietwaar Dirk Van Esbroeck? Onze Griekse vrienden staat weer eens een verrassing van formaat te wachten uit de lage landen, reken maar van nè (***)!
Antoine Légat (5 juli 2008)
(*) Een prachtige vertaling ervan vind je bij Hans Warren-Mario Molengraaf, Gedichten, 1991. Andere sleutelgedichten zijn Sefèris’ ‘Opou ke na taxidèpso i Ellàdha me pligóni (Waarheen ik ook reis, Griekenland kwetst me)’, Gatsos’ ‘I Chondroballoù (De dikke Dame)’ en zelfs Haris Alexíou’s ode aan mentor Hadjidhàkis, ‘Prosefchí (Gebed)’.
(**) meervoud van rebètiko, wat te maken heeft met de ‘rebètis’, mv. ‘rebètes’ (vele theorieën over de oorsprong van het woord), verwijzend naar de muziek, bij uitbreiding de levenshouding, van de zelfkanters in de grootsteden (Athene-Piraeus, Thessaloníki, Megaloùpolis), onderdeel van de mensen uit alle standen en klassen, waar Hellas mee overspoeld na de Megàli Katàstrofi van 1922 toen een miljoen ,,Grieken’’ (soms spraken ze alleen Turks: de maatstaf was immers de godsdienst: de Orthodoxie) verjaagd werden van de kusten van de Egeïsche en van de Zwarte Zee.
(***) ,,nè’’ is ,,ja’’ in het Ellinikà.
Uit: www.folkforum.nl, 29 mei 2008
Liefdevolle ode aan Griekse dichter door Nederlands trio
".Iemand zei ooit eens dat je poëzie moet horen, niet lezen. De cd Nights In Attarin van Palio-Paréa bevestigt dat nog maar eens. De afgelopen jaren hoorde ik hoe Zuid-Afrikaan Gert Vlok Nel zijn eigen gedichten op gitaar een extra dimensie geeft, hoe de Zweedse Sofia Karlsson het werk van Dan Andersson van mooie arrangementen voorzag en nu is er het Nederlandse trio Palio-Paréa, dat de Griekse dichter Konstantínos Petros Kaváfis in heerlijke noten laat weerklinken.
Attarin is de wijk waar Kaváfis woonde in het Egyptische Alexandrië, waar hij uit Griekse ouders werd geboren. Zoals wel vaker gebeurt werden de gedichten van Kaváfis pas populair na zijn dood, hij stierf in 1933, op zijn zeventigste verjaardag. Al snel daarna verscheen een eerste vertaling in het Nederlands, in de jaren '70 en '80 volgden er meer. Zelfs in deze eeuw zijn herdrukken verschenen, dus moeten de gedichten nog steeds een bepaalde aantrekkingskracht hebben op het hedendaagse publiek. Misschien is het de romantiek van herinnering en verlangen in Kaváfis die zoveel mensen aanspreekt, en die heeft Palio-Paréa op Nights In Attarin volgens mij heel goed weten vast te leggen. De melancholie in de muziek versterkt het gevoel van de gedichten. Dat begint al met de diepe mannenstemmen van Tákis Sidéris, Mattie Tans (voormalig lid van de groep) en Nikos Tsilogiánnis, die uit een ver verleden lijken te komen in openingsnummer Fonés (stemmen), met een prachtige tekst over mensen die gestorven zijn, of op zijn minst voorgoed verloren voor ons, hun stemmen worden geidealiseerd, komen terug als verre muziek die wegebt in de nacht.
Bovendien zijn de teksten heel toegankelijk, zo is er Énas Yéros (een oude man), over een oude man die in een café achter een krant terugdenkt aan zijn leven, en uiteindelijk vermoeid in slaap valt. Een eenvoudig gegeven, maar juist dat trekt me aan, die kleine dingen, die zo bijzonder worden als ze in een lied verteld worden. De muziek die Loek Schrievers erbij heeft gecomponeerd doet je belanden in een klein cafeetje, bouzouki en baglamas (allebei luiten) bepalen de Griekse sfeer, in de stem van Margôt Schenk hoor ik dat de gasten al een beetje dronken zijn. Met de subtiele baslijnen van Carel van Rijn wordt het een donkerbruin café, en daar zit de man, achter zijn krant, te denken. Het zou zomaar een tafereel kunnen zijn van nu, in plaats van ruim een eeuw geleden.
Nog meer herinneringen volgen in Epéstrefe (kom terug), maar die zijn broeierig, donkerder, maar ze gaan dan ook over de lichamelijke liefde. De percussie van Ulas Aksünger draagt bij aan de onrust die uit het gedicht tevoorschijn komt. De gedachte aan het oude verlangen komt boven, het geheugen van het lichaam wordt opgewekt, lippen en huid herinneren zich... Ik moet afgaan op de bijgeleverde Engelse vertaling (ook de Griekse teksten staan in het verzorgde boekje), maar raak ook daarmee gefascineerd door de wereld van Kaváfis, die homoseksueel was in een tijd dat dat als een afwijking werd beschouwd, en het leven bekijkt als een kaars die eerst warm en levendig brandt, maar uiteindelijk langzaam maar zeker dooft in Keriá (kaarsen). Vakchikón (bacchisch) wordt door Loek Schrievers gezongen, is een ode aan de drank, ook al is het vergif en kun je ermee aan een bitter eind komen. Opnieuw komt dat donkerbruine café in mijn gedachten, waar de klanten dit keer het liefst vergeten. Ook de kaars komt terug, in Yia Nárthoun (schaduwen oproepen), het zachte licht van een kaars is genoeg om de schaduwen van liefde op te roepen, de begeleiding is donkergekleurd met bouzouki, gitaar, bas, percussie en een fijngespeelde viool (Héctor Cosmás).
Er staan twee instrumentalen op Nights In Attarin, een is een compositie van Carel van Rijn, de andere van Loek Schrievers. Deze laatste heet Itháki (Ithaka), en zo heet ook een gedicht van Kaváfis over de zoektocht van Odysseus. Misschien is het symbolisch bedoeld, het project heeft enkele jaren in beslag genomen, al in 1998 stonden op de cd Yesterdays een paar gedichten die nu op Nights In Attarin opnieuw zijn opgenomen.
Het zal niet altijd gemakkelijk geweest zijn om de juiste melodie te vinden die bij de sfeer van een gedicht past. Wat mij betreft zijn ze daar uitstekend in geslaagd, ik ben alvast overtuigd van de aantrekkingskracht van Konstantínos Petros Kaváfis. Ik hoor de liefde en het respect van Palio-Paréa voor deze Griekse dichter terug in de muziek die de nachten in Attarin springlevend maakt."
Mirjam Adriaans, waardering 9
Uit: 19 mei 2008
"...... I listened carefully the music and the verses, as well as, the way the whole musical work is sung and played and I would like to congratulate all the persons who participated in realising it. It is amazing and emotional at the same time and your work deserves to be widely known, encouraged and supported.........".
Kyriakos Amiridis Consul General of Greece
Uit: 19 mei 2008
jl. de 75e sterfdag en de 145e geboortedag was. Met de belangstelling zal het vanzelf wel goed komen, denk ik, nu iedereen kan vaststellen hoe goed deze muziek is. Natuurlijk heeft de cd zoals het hoort één toon, maar er zijn allerlei verrassingen (meteen al met het haast desoriënterende begin van Fonés). Palio-Paréa klinkt in mijn oren Griekser dan ooit - hier en daar nóg een paar duizend kilometer oostelijker......".
Mario Molegraaf (samen met Hans Warren de vertalers van het complete werk van K.P. Kavafis (uitg. Bert Bakker)
Uit: 12 mei 2008
zo'n gedurfd project aan te gaan.... De composities zijn zeer overtuigend. De muziek is sfeervol van het begin tot het eind. En aan het eind denk ik steeds weer, nu al! Een lust om naar te luisteren. Fijn ook dat jullie de Engelse vertaling in het CD-boekje hebt opgenomen.............".
Marcel Blok / Wereldmuziekpodium / www.wereldmuziekpodium.nl
Uit: FOLKER 03/07
Palio-Paréa - Rendez-vous (Chara Production CHARA 2006 www.palioparea.nl, 13 Tracks 49:27)
"Ein niederländisches Trio spielt griechische Musik, hauptsächlich
Gesang, Bouzouki und Gitarre. Sängerin Margot Schenk klingt absolut
glaubwürdig, was ihr ein griechischer Musikwissenschaftler bestätigt.
Und überhaupt, die drei gehen regelmäßig in Griechenlang auf Tour und
dazu – von wegen Eulen nach Athen tragen – muss man schon wirklich gut
sein."
FOLKER, 2007
Uit: FRET Magazine
Palio-Paréa - Rendez-vous
"Als je als Nederlandse groep rembétika brengt en regelmatig complimenten ontvangt van Griekse muziekkenners, doe je het goed. Griekse blues wordt rembétika soms genoemd. De liederen vertellen over de tragiek van het leven aan de rand van de samenleving, maar ook liefde en de pijn van een gebroken relatie worden bezongen. Rendez-vous is het vijfde album van het Nederlandse trio dat een bijzondere passie voor het Griekse muzikale erfgoed ontwikkelde en vanaf 1992 optreedt als Palio-Paréa. Voor de nieuwe cd veegden de Nederlanders het stof van vergeten Griekse muziek uit de jaren dertig. Ze brengen ook moderne Griekse stukken en twee eigen composities zoals het dromerige Anarotième. Een belangrijke rol is weggelegd voor traditionele instrumenten als de tzouras (een soort luit) en de baglamas.."
FRET Magazine, januari 2007
Uit: New Folk Sounds 108
Rendez-vous (Chara 2006)
"De Nederlandse groep Palio-Paréa bestaat inmiddels zo’n dertien jaar. Centraal in de muziek van de groep heeft altijd de Griekse muziek gestaan en dan speciaal de Rembetika liederen. Dit zijn stadse liederen uit het begin van de jaren twintig en vertellen vaak over de minder liefelijke kant van de samenleving. Met Rendez-vous geeft de band een ijzersterk visitekaartje af. Lijkt de cd de eerste twee minuten rustig te beginnen met Ótan dho ta dhio sou mátia, op het moment dat de snaren het overnemen van zangeres Margôt Schenk sleurt de muziek me mee in een vrije val. Het geluid is helder, de zang wat rauw en rafelig. Vooral het werk op de bouzouki, gitaar en de andere snaarinstrumenten is virtuoos. Het knappe vind ik dat het de groep lukt om van de dertien nummers een eenheid te maken. Zonder dat de verveling toeslaat lijken de liederen in elkaar over te vloeien en zo een soort muzikaal panorama te vormen. Het verbaast me totaal niet dat ook de Grieken Palio-Paréa zo waarderen. In het verleden heb ik toch aardig wat Rembetika muziek om de oren gehad. Deze Rendez-vous is een cd die langzaam onder je huid gaat zitten en inmiddels hoort tot een van mijn favorieten binnen dit genre."
Eelco Schilder, December 2006
Uit: Folkforum - www.folkforum.nl
“……..Een paar jaar geleden zag ik Palio-Paréa optreden en dat was voor mij direct een aanleiding om hun live-cd Club Chara aan te schaffen. Inmiddels is de samenstelling wat kleiner geworden na het vertrek van Mattie Tans vorig jaar. Dat betekent dat Margôt Schenk de leadzang voor haar rekening neemt. Dat doet ze met een warmdonkere, wat nasale stem, die ze met veel gevoel gebruikt in nummers als Dhen Me Thélis Pia (Jij wilt me niet meer), uit 1933, waarop de Griekse gastviolist Tákis Sidéris een heerlijk melancholieke klank meegeeft aan het lied, of de veel jongere compositie Anarotiéme (Ik vraag me af, 2000) van Loek Schrievers, met subtiele percussie. Mijn favoriet van de plaat is Pandótina Tha S’agapo (Ik zal altijd van je houden), een stuk van Y. Lembésis van eind jaren negentig, dat niet zo zoet klinkt als de titel doet vermoeden. Schenk zingt dit als een ballad, en wanneer ze (drie keer in dit lied) de hoogte in gaat aan het einde van de zin bezorgt mij dat gewoonweg kippevel. Vrolijk en ontspannen klinken dan weer To Símera Metrá (Alleen het heden telt, ook van Schrievers) en Tis Mastoúras o Skopós (de melodie van de mastoúra, dat is de toestand van het high zijn), een nummer uit 1946 van V. Tsitsánis, over de geneugten van het roken van hash met een waterpijp. Erg aanstekelijk klinkt tenslotte de afsluiter, een instrumentaal met de titel Mi Me Pismatónis (Wees niet koppig, een compositie van M. Vamvakáris uit 1939), die aan het einde een tintje weemoed krijgt……..”
Mirjam Adriaans, 15-9-2006, waardering: 8,5 (lees meer)
Uit: Lychnari
“…….deze cd verraste mij aangenaam. De groep heeft duidelijk haar weg gevonden door binnen de Griekse muziek een eigen stijl te ontwikkelen. Vooroordelen over Griekse muziek, dat die alleen door Grieken gespeeld zou kunnen worden, moeten bij deze cd maar opzij gezet worden. Ook in Griekenland weet men tenslotte Palio-Paréa te waarderen. De groep gaat er eind dit jaar voor de vierde keer op tournee.
Jolanda Verbeek, nr. 4 – 2006 (lees meer)
Uit: De Volkskrant
Palio-Paréa. 28 september, De Badcuyp, Amsterdam. Tournee.
“……Wonderlijk genoeg zorgt het puntige samenspel van Schrievers en gitarist Carel van Rijn juist voor meer muzikaal avontuur en raffinement dan voorheen. De kleine bezetting daagt beide muzikanten blijkbaar uit om boven zichzelf uit te stijgen……..
……Haar kracht als zangeres is onmiskenbaar gelegen in het vertolken van zwaardere kost, zoals een viertal getoonzette gedichten van de grote poëet Konstantin Kavafis…….”
Ton Maas, 02-10-2006 (lees meer)
"..Een succesvol ‘rendez-vous’ van rembétika en blues in Nederland.."
"..De bekende muziekgroep Palio-Paréa verrast ons opnieuw met haar nieuwe CD Rendez-vous. Ik heb alle CD’s van hen beluisterd en vind ze allemaal mooi, maar Rendez-vous is volgens mij de beste.."
Panos Savvópoulos, Athene juli 2006 ( lees meer )
“….Wat met de flamenco en de fado al eerder gebeurde, overkomt nou ook onze rembétiko: buitenlanders die onze muziek spelen met meer enthousiasme en doorleving dan menige Griekse groep. PALIO-PARÉA is een van die groepen, maar neemt een bijzondere plaats in. Zij confronteren ons met onze eigen muziek op een wijze die ons met trots vervult en blijkbaar hebben wij buitenlanders nodig om ons bewust te maken van de kracht en schoonheid van deze muziek die blijkbaar ‘grenzeloos’, universeel is. Met PALIO-PARÉA is meer aan de hand dat ze zo bijzonder maakt: het kwalitatief sterke spel van de groep springt in het oog en in tegenstelling tot vele Griekse vertolkers van het genre voegt het sterke eigen composities toe aan het bestaande repertoire. Daarbij beweegt de groep zich met het grootste gemak ook buiten de grenzen van de rembétiko, waarvan o.a. de mooie composities op gedichten van K.P. Kavafis getuigen. Een van de sterke troeven van PALIO-PARÉA en voor ons ook heel belangrijk is hun ‘neus’ voor goede composities. Behalve bekende traditionele rembétika spelen zij bijna vergeten of zelfs vergeten liederen, zoals ‘Dhen me thelis pia” van P. Tounda, dat mede door de bezielde vertolking van Margôt een tweede leven zal gaan leiden. Zij geven ons op die manier onze muziek terug! Met de compositie Sidhiródhromos van Loek Schrievers (de bouzoukispeler én componist van de groep: het muzikale hart van de groep) geeft hij te kennen hoe goed hij de “klassieken” van de rembétiko doorgrondt en daar op geheel ‘eigen’ wijze mee uit de voeten kan……..”
Uit: TV programma REMBÉTIKI ISTORÍA, PALIO-PARÉA – Dutch Rembétes by Panos Savópoulos (ET3 broadcast 2005-05-02) “...De Nederlandse groep Palio-Paréa bezorgde de luisteraars een magische avond, waar nog lang over gesproken zal worden.”
Hydra-Griekenland 2003
“...De Nederlandse muzikanten van de groep Palio-Paréa hebben iedereen in vervoering gebracht.”
I Érevna-Griekenland 2002 ( lees meer )
“...Deze musici leefden zich daadwerkelijk in de Griekse rebétika en andere liederen in, waarbij ze zo goed als mogelijk doordrongen tot de essentie van deze liederen. Het meest verrassende was volgens ons het moment dat de groep een eigen compositie van het gedicht ‘Epéstrefe' van K. Kavafis in het Grieks ten gehore bracht. Alles wat we meer zouden kunnen zeggen over Palio-Paréa is hiermee overbodig. De luisteraars hebben een onvergetelijke avond gehad.”
Dhialogos-Griekenland 2002 ( lees meer )
“...Palio-Paréa speelt en zingt eigen composities in Griekse stijl, op Griekse dichtregels maar ook op nieuwe teksten die op hun beurt weer iets vertolken van de Griekse denkwereld. Met de teksten heeft de groep zo hoog gegrepen als het maar kon. Men heeft gedichten van de Alexandrijn Kavafis op muziek gezet, voor hoofdschuddende kenners in Griekenland een gewaagde zet. Weliswaar hebben de meeste Griekse liedcomponisten zich wel één of twee keer aan de grote man gewaagd (Theodorakis overigens in het geheel niet) maar op ‘Dagen van 1903' van Chatzidakis na is er geen bekend gebleven .... Van mij mag ‘De kaarsen' regelrecht bij de Griekse top tien, en er mag ook bij worden gedanst-liefst door een persoon die de leeftijd van Kavafis aangeeft.”
Athene-Frans van Hasselt 2001 ( lees meer )
“...Palio-Paréa bewijst eer aan de Griekse muziek.”
Difono-Griekenland 2001 ( lees meer )
“...Palio-Paréa begeeft zich op uitstekend Grieks niveau. De liederen kunnen zich met hun mooie poëtische teksten en prachtige composities meten met menig gezelschap afkomstig uit Griekenland zelf. Niet voor niets kreeg een vorige cd een lovende recensie in de Griekse pers.”
Het Griekse Eiland 2002
“...Palio-Paréa speelt eigen composities. Het vereist een groot muzikaal talent en een geweldig inlevingsvermogen om als Nederlanders Griekse muziek te brengen waar ze in Griekenland enthousiast van worden. Over die talenten beschikken de leden van Palio-Paréa ruimschoots, wat ze inmiddels hebben bewezen met een succesvolle serie optredens in Griekenland.”
Kees Klok- Amsterdamse Folkagenda 2002 ( lees meer )
“...Palio-Paréa brengt Griekse muziek met een boodschap.”
De Brug 2003
“...De troefkaarten van Palio-Paréa (Grieks voor ‘oude vrienden onder elkaar') worden live behendig uitgespeeld. Het hechte ensemblespel wordt gaandeweg de voorstelling steeds vrijer en gedurfder. Het warmbloedige stemmenmateriaal van Margôt Schenk en Mattie Tans contrasteert fraai met het afwisselend stuwende en slepende vioolspel van Koning en het metalige getwinkel van Schrievers bouzouki.”
Ton Maas- De Volkskrant 2002 ( lees meer )
“...Wir wollen versuchen die Sonne scheinen zu lassen .. , so lautete das erklärte Ziel von Palio-Paréa. Und das gelang den Musikern ganz vorzüglich. Warme, Instrumentalklänge, mal melancholisch, mal tänzerisch, oft verträumt, dann aber wieder heiter und ausgelassen, immer sehr harmonisch, und die leicht rauhen, ungekünstelt deklamierenden Naturstimmen, die sich ganz organisch in die von zahlreichen griechischen Volksmusik-Stereotypien durchsetzte Begleitung mischten.”
Essener Zeitung 2002
“...De overgave waarmee de nummers werden gespeeld was immens groot. Hun liefde voor de Griekse muziek werd overgenomen door het publiek. De zaal genoot met volle teugen van de kwaliteiten van dit ensemble, het was een geweldig concert.”
Witte weekblad Hillegom 2003
|